Wat kan jij als professional doen? Afdrukken E-mail

 

Hieronder vinden jullie een aantal tips en handvatten terug om kinderen van ouders met psychiatrische problemen te benaderen en te helpen.

 

  • Herkenning en signalering van problemen

 

Als professional heb je een belangrijke signaalfunctie. Plotse veranderingen in het gedrag van het kind of verminderde prestaties op school kunnen wijzen op problemen in de thuissituatie, meer bepaald op problemen bij één van de ouders. Kinderen laten vaak op die manier blijken dat er thuis iets misloopt.

 

Probeer op de eerste plaats dit bespreekbaar te maken met het kind en de ouders. Zo kan je een betekenisvolle steun zijn voor het ganse gezin. Een aantal handvatten die je als betrokkene kunnen helpen kan je hier terugvinden.

 

Het is niet makkelijk in te schatten of er wel degelijk een extra risico voor het kind bestaat. Niet alle kinderen ontwikkelen immers zelf psychische problemen. Uit onderzoek blijkt dat een aantal risico- en beschermende factoren bij het kind, de ouder, het gezin en de omgeving bepalen of een kind al dan niet een verhoogd risico loopt.

 

Indien mogelijk kan je het kind en de ouders op weg helpen om professionele hulp te zoeken. Meer informatie over mogelijke hulp kan je terugvinden bij het onderdeel doorverwijzing.

 

  • Vertrouwenspersoon

 

Een kind moet een zeker gevoel van veiligheid ervaren wanneer het zijn problemen met jou bespreekt. Daarom is de vertrouwensband met het kind erg belangrijk. Het kan heel veel tijd en moeite kosten om deze band op te bouwen. Maar wanneer een kind zich voldoende veilig voelt kan je voor hem of haar een grote steun zijn.

 

Neem, indien mogelijk, af en toe de gelegenheid om met het kind over zijn situatie thuis te praten. Forceer dit echter niet en probeer hierin het tempo van het kind te volgen. Niet alle kinderen zijn immers geneigd om zelf over de situatie thuis te beginnen praten.

 

Wat jij voor het kind kan betekenen is tevens afhankelijk van je band en relatie met het kind en het gezin. Als hulpverlener, als leerkracht, … heb je een verschillende positie t.a.v. het kind en zal je iets anders kunnen betekenen. Maak dit het kind duidelijk en doe geen beloftes die je nadien niet kan waarmaken.

 

Deze rol van vertrouwenspersoon t.a.v. het kind kan je ook aannemen ten opzichte van de ouders. Dit gebeurt, afhankelijk van de leeftijd van het kind, best met medeweten en in overleg met het kind. Niet alle kinderen willen immers dat de ouders hierover worden gecontacteerd. Dit moet, situatie per situatie, bekeken worden. Ook de ouder zelf moet bereid zijn om zijn verhaal te doen.

 

Gesprekken met de ouders dienen met de nodige zorg en respect te gebeuren. Wees voorzichtig in je bewoordingen, ga er vanuit dat ouders het beste willen voor hun kind en hun gezin. Erken hen in hun lijden, verdriet en machteloosheid; dit vergroot de kans dat de ouder oog kan hebben voor de positie en de beleving van het kind. Bekijk daarna samen met de ouders welke stappen ondernomen kunnen worden.

 

 

  • Doorverwijzen

 

Soms is het aangewezen om het kind (en de ouder) door te verwijzen naar meer gespecialiseerde hulpverlening. Doe dit steeds in overleg en met medeweten van de ouder en het kind.

 

 

© Stuurgroep KOPP-Vlaanderen, 2012

Powered by Joomla!