| Veelgestelde vragen |
|
|
|
Het helpt als je weet wat de ziekte inhoudt. Als je weet wat je ervan kan verwachten, herken je de lastige situaties sneller. Mensen met een psychische ziekte zijn vaak onvoorspelbaar. Door te weten wat je kan verwachten kan je het onvoorspelbare een beetje voorspelbaar maken. Je begrijpt dan ook dat het niet jouw schuld is. Jij kunt er immers niets aan doen dat mama, papa, broer of zus psychische of verslavingsproblemen heeft.
Soms is een ouder zo in de war dat het echt niet kan. Soms gaat het met je zieke ouder beter en dan kan het goed zijn om het te proberen. Praten kan opluchten, ook voor je zieke ouder. Soms merkt je papa of mama in een gesprek pas dat jij je zorgen maakt.
Ja, natuurlijk. Juist nu is het goed samen met anderen leuke dingen te beleven. Dat geeft je veerkracht en energie. Ga dus sporten, naar verjaardagen, naar feestjes en geniet ervan. Ook voor je ouders is het belangrijk dat zij zien dat jij “gewone” dingen doet.
Het kan best zijn dat je je niet zo goed kunt concentreren als er thuis van alles aan de hand is. Als dat zo is, praat erover met je leerkracht en probeer samen oplossingen te bedenken.
Het is heel normaal dat je je zo voelt. Machteloos omdat je niets aan de situatie thuis kunt doen, boos omdat het bij jou thuis anders is dan bij anderen, verdrietig omdat het pijn doet dat je mama of papa ziek is. Dat zijn normale gevoelens in zulke situaties. Praten kan opluchten. Het opschrijven helpt ook, of tekenen, zingen of rappen. Bedenk eens wat voor jou een goede uitlaatklep zou kunnen zijn.
Wanneer één van je ouders psychische problemen heeft dan stel je je wel eens de vraag of je zelf ook deze problemen zal krijgen. Iedereen kan in de loop van zijn leven met psychische problemen te maken hebben. Ook kinderen van wie de papa of mama nooit zelf problemen gehad hebben. Soms gebeuren er dingen in je leven die je gevoeliger maken voor het krijgen van om het even welke ziekte. Daar kan niemand iets aan doen!
Daarnaast is ook zo dat ieder kind talenten, aanleg en eigenschappen van zijn beide ouders erft. Je kan bijvoorbeeld de muzikale aanleg van je mama geërfd hebben. Je kan ook de kwetsbaarheid, zoals het krijgen van een ziekte, van je ouder overerven. Maar het is niet omdat je de kwetsbaarheid voor het krijgen van een ziekte geërfd hebt dat je dan ook zeker deze ziekte krijgt! Er speelt veel meer mee dan alleen maar erfelijkheid!
Als je bang bent dat je de ziekte ook krijgt of denkt dat je signalen van een ziekte bij jezelf ziet: praat er dan zo snel mogelijk over met iemand die je vertrouwt. Samen kunnen jullie bekijken wat er kan gebeuren om je zo goed mogelijk te helpen.
Het is heel moeilijk om een antwoord te geven op de vraag hoe het komt dat iemand psychische problemen krijgt. Zelfs dokters kunnen hier niet altijd een antwoord op geven. De oorzaken van deze problemen kunnen bij iedereen anders zijn. Soms is er een erfelijke kwetsbaarheid voor het krijgen een probleem. Het kan ook dat er iets ergs gebeurd is in het leven van je mama of papa en dat dit nog niet verwerkt is. Voor sommigen kan dit zware gevolgen hebben en komen er psychische problemen van. Andere mensen krijgen geen problemen. Als je jou daarover zorgen maakt, dan praat je daar best over met iemand die je vertrouwt.
Het zou ook kunnen dat je mama of papa helemaal geen psychische problemen heeft, maar een verslaving of allebei. Een verslaving kan ook ontstaan door erfelijke kwetsbaarheid of door het meemaken van een aantal negatieve gebeurtenissen. Dit zijn natuurlijk niet de enige oorzaken. Een verslaving ontstaat geleidelijk en het is moeilijk om er van de ene dag op de andere mee te stoppen. Voor meer informatie hierover kan je kijken op www.bekijkheteensnuchter.be.
Of ouders al dan niet geholpen kunnen worden met medicatie hangt onder andere af van welke ziekte je ouder heeft. Alleen een dokter kan daarover beslissen.
Omdat ouders die een psychische ziekte hebben vaak in de war zijn gedragen ze zich soms vreemd. Sommige kinderen, die niet weten hoe lastig het is als je mama of papa ziek is, lachen met dit vreemde gedrag. Als je dit vervelend vindt kan je er zelf iets van zeggen. Doe je dat liever niet, praat er dan over met iemand die jij vertrouwt. Als jij dit wilt kunnen zij die kinderen aanspreken.
De problemen van je ouder kan jij niet oplossen, hoe graag je dat ook zou willen. Wat je wel kunt doen, is goed voor jezelf zorgen. Je zieke ouder wil ook liever dat jij zo weinig mogelijk last hebt van zijn ziekte. Als zij merken dat jij goed voor jezelf zorgt dan is dat voor hen een “kopzorg” minder.
|